De Nieuwe Kerk | Jeff Koons

Meesterwerken zijn niet meer wat ze waren. Moest je vroeger een proef doorstaan om te bewijzen dat je alle vaardigheden meester was, hebben we tegenwoordig andere eisen aan kunstenaars. Of Koons aan die eisen voldoet, bepaal jij zelf.

Door: Marijke Phoa

Jeff Koons – Gazing Ball
17 feb 2018 – 8 apr 2018
De Nieuwe Kerk, Amsterdam

Een meesterwerk werd vroeger letterlijk gemaakt om een meesterschap te bewijzen. De leerling moest een meesterproef voltooien waarin hij zijn vaardigheid en kunde bewees. Daarna had hij recht op de titel Meester, en kon hij zelf leerlingen opleiden. Kunstenaars worden nu anders opgeleid dan vroeger. Ze gaan niet meer in de leer bij één kunstenaar waar ze eerst alleen verf mogen mengen, en ze zichzelf moeten opwerken tot grotere klusjes. Ze kunnen zichzelf het één en ander hebben aangeleerd, of gaan naar kunstacademies, dus nu noemen we het een meesterwerk als het in de typische kenmerkende stijl van die kunstenaar gemaakt is.

In de Nieuwe Kerk is op dit moment zo’n een hedendaags meesterwerk te zien, Gazing Ball (Perugino Madonna and Child with Four Saints) (2014–15) van Jeff Koons. Het is een meesterwerk omdat het werk typisch Koons is vanwege twee punten: hij gebruikt vaker een sterk spiegelende felgekleurde materiaal waar de bol van is in zijn werken en hij gebruikt vaker bestaande beelden die door anderen zijn gemaakt. Voor dit werk heeft Koons – maar voornamelijk zijn assistenten –  namelijk het oorspronkelijke meestwerk van Perugino, Madonna in Glory with the Child and Saints uit 1495-96 compleet nageschilderd.

Voorbeeld van hetzelfde spiegelende effect in Koons zijn werk. Jeff Koons, Balloon dog (red), 1994-2000, beeld via designboom

De Gazing Ball is onderdeel van een serie waar Koons bij verschillende bekende kunstwerken en standbeelden een bal heeft toegevoegd. De Mona Lisa van Leonardo da Vinci, werken van Monet, Manet, Giotto, Rembrandt en ook Van Gogh blijven niet bespaard van de toevoeging. Maar mag je niet meer aan oude meesters hun werken zitten? Koons vind uiteraard van wel. Hij groeide op in een kunstperiode (post-modernisme) waarin kunstenaars juist wilden spelen met originaliteit, populaire-cultuur, maar ook met vakmanschap (veel kunstenaars maken de werken namelijk niet eens zelf, maar laten ze produceren door andere vakmensen). Alles is al eens bedacht, dus waarom zou je niet sommige dingen gewoon hergebruiken? En waar ligt het kunstenaarschap, moet je het zelf maken of is het idee hebben al voldoende? We leven in een tijd waarin machines veel meer kunnen, is het dan nog wel belangrijk dat je alles met de hand kan doen?

Maar waar gaat die Gazing Ball dan over? De spiegelende bol zorgt er eigenlijk voor dat je als bezoeker er aan herinnert wordt dat jij op dat moment ergens bent en naar het werk kijkt. Je ziet namelijk jezelf, maar ook je omgeving erin gespiegeld. Alleen jij ziet heel even dat moment dat jij voor het werk staat, en een ander ziet alleen zichzelf, maar kan niet jouw moment zien. Het maakt dat het werk iets heel tijdelijks heeft, en daardoor misschien ook specialer voelt. Zelf beweert hij in The Guardian dat “These paintings are stronger for being together with the gazing ball – if you removed the gazing ball they don’t have the same power, they don’t have the same phenomenology.” De man heeft in ieder geval geen gebrek aan zelfvertrouwen.

Niet iedereen houdt van dit soort werken. Er zijn genoeg kritische woorden over Koons te vinden. Dat hij vooral gewoon een goede marketingman is, aangezien hij miljoenen met zijn ideeën verdient en vooral zijn team het werk doet. Maar misschien vind jij het wel speciaal om jezelf in een prachtige omgeving zoals De Nieuwe Kerk in een kobaltblauwe glazen bal te zien. Misschien maakt een momentopname voor zo’n werk wel een enorme indruk op jou. Dan is Koons alsnog geslaagd voor z’n meestwerk.